Overslaan en naar de inhoud gaan

Het project

Hedendaags project, duurzame visie

 

De Chocoladefabriek is een gebouw dat imponeert op een ontzagwekkende manier. De visie voor de toekomst moest dus even sterk zijn als het verhaal van het verleden. Als je alle ontwikkelingen in Vlaanderen naast mekaar zet vandaag, steekt de Chocoladefabriek er qua duurzaamheid en architecturaal karakter bovenuit. 

 

 

 

Dorpskern dynamiek 

Nerem telt zo'n 900 inwoners. Een kleine gemeenschap dus, maar wel een levendige. Zo wordt er jaarlijks onder andere een petanque tornooi, een zeepkistenrace en een winterBBQ georganiseerd. De honderdtal inwoners van de Chocoladefabriek geven de lokale dynamiek in Nerem een extra impuls, die ook de lokale economie ten goede komt. Zelfs Trends (Knack) kwam een kijkje nemen om te zien hoe we deze herbestemming, op deze specifieke locatie, hebben aangepakt. 

 

"De magie van het industriële erfgoed blijft intact" 
Trends

Circulair bouwen centraal

Grondstoffen en materialen zijn waardevol. Deze denkwijze is als rode draad doorgetrokken in het woonproject van de Chocoladefabriek. Het gebouw van 160 meter is volledig gerecupereerd, voor het bestaande gebouw zijn er geen nieuwe bakstenen aan te pas gekomen.

Door de recuperatie van deze omvang kunnen we terecht spreken van een toonaangevend circulair bouwproject. Het gebouw en zijn kwaliteiten blijven bovendien bewaard door te kiezen voor een zachte restauratie: de sporen van het verleden en de verschillende bouwfases zijn zichtbaar gebleven na de restauratie. Vervolgens is het ontwerp van de nieuwbouw afgestemd hierop zodat beiden een evenwichtig geheel vormen waar oud en nieuw harmonieus worden gecombineerd.

De centrale inkomhal in restauratie

Industrieel erfgoed uit de 20ste eeuw is schaars. Zeker in Limburg. De economische geschiedenis van deze provincie is anders verlopen dan in de rest van ons land. Je hebt de mijnsites en dan is het lijstje grotendeels klaar. De Chocoladefabriek is de uitzondering op de regel.

 

Herbestemming en ruimtegebruik

De Chocoladefabriek is een monumentaal pand met een enorm grote oppervlakte. Er zijn allerlei ideeën gepasseerd om het gebouw te herbestemmen, maar geen ervan waren haalbaar. Tot nu. Het huidige woonproject geeft dit stuk erfgoed een nieuwe functie en daardoor ook een duurzame toekomst. Dankzij de transformatie van de site wordt er geen extra druk gelegd op de schaarse en open groene ruimtes in de buurt. Bovendien brengt het een hernieuwde dynamiek met zich mee en versterkt het op die manier ook de dorpskern in Nerem. 

© a2o, Stijn Bollaert

© a2o, Stijn Bollaert

"De toonaangevende architectuur werd bij de restauratie in ere hersteld, met aandacht voor de details"

Volgens de Inventaris Onroerend Erfgoed is de Chocoladefabriek het enige Limburgse industriële gebouw in art-nouveau stijl. Een pand zoals dit is dus terecht uitzonderlijk te noemen en dankzij de architectuur is het bovendien ook beeldbepalend. Het is bijna onvoorstelbaar dat het ontwerp, inclusief het art-nouveau glasraam, door de toenmalige ondernemer Florent Rosmeulen in 1909 op papier is gezet.  

© a2o, Stijn Bollaert

Bewust samen-wonen

De duurzame filosofie van de Chocoladefabriek stopt niet bij de stenen. Kwalitatief wonen heeft wat ons betreft ook een menselijke component: je goed voelen op een plek, samen met de mensen rondom je. Daarom zijn er in ons ontwerp expliciet gemeenschappelijke ruimtes voorzien. Om een gezamenlijke plek te hebben waar je elkaar kan ontmoeten. Wie hier woont, is deel van de gemeenschap en kiest daar bewust voor. Samen zorgen alle bewoners samen voor de toekomst van dit gebouw.

 

 

"De gemeenschappelijke tuin zorgt voor een gezellige sfeer"

Van chocolade tot nu

Postkaart Chocoladefabriek

Postkaart van de Chocoladefabriek begin 20ste eeuw

Florent Rosmeulen keert terug naar Nerem

De ondernemer die de Chocoladefabriek letterlijk en figuurlijk op de kaart zette, was Florent Rosmeulen. Wanneer zijn gebouw in Verviers te klein wordt, wijkt hij uit naar Nerem. Niet toevallig, want hij werd in deze buurt geboren. Zijn oog valt op een grote lap grond in het toenmalige "Nederheim" maar omdat hij ook vrouwen tewerkstelt, ziet de dorpspastoor zijn komst niet graag tegemoet. Gemengd personeel was in het begin van de 20ste eeuw immers een absurd idee, zeker in katholieke hoek. Enige sponsoring van de kapel later kan Florent dan toch het stuk grond kopen en beginnen. Hij tekent de plannen van het gebouw zelf. Om de technische details uit te werken, haalde hij er Clément Pirnay bij. Een medewerkers van de bekende architect Paul Jaspar.

"Het ontwerp van de Chocoladefabriek is heel vooruitziend, want het werd ontworpen om polyvalent te zijn"

Chocolade versus Wereldoorlogen

De Chocoladefabriek is een van de eerste betonskeletgebouwen in België. Het is opgevat als een betonnen vakwerk met balken en kolommen op regelmatige afstanden. Heel vooruitziend, want het gebouw werd ontworpen om polyvalent te zijn. Rosmeulen groeit uit tot de grootste producent van kwaliteitschocolade in België. Maar een aantal jaar later slaat ook in Nerem de Eerste Wereldoorlog toe. De cacaobonen kunnen niet meer geleverd worden en de productie valt al snel stil. Als tegenreactie schakelt Florent een versnelling hoger en hij doet wat hij kan tijdens de bezetting. Hij werkt onder meer samen met de spionagediensten van de Belgische regering, smokkelt menig bericht door naar het neutrale Nederland en stelt zijn kapitaal ter beschikking aan besturen en bedrijven, zodat zij hun personeel kunnen uitbetalen. Als zijn eigen rekening leeg is, verkoopt hij de lading cacaobonen die nog altijd in de haven dobbert.

Foto van Florent Rosmeulen

Florent Rosmeulen, stichter van de Chocoladefabriek

Als de oorlog voorbij is, krijgt Florent zijn bedrijf er niet meer bovenop. De redenen die daarvoor genoemd worden, zijn divers. In de jaren '30 zet hij de Chocoladefabriek te koop. Liefhebbers vinden voor zo'n oppervlakte blijkt niet gemakkelijk. In 1938 duikt de eerste koper op, maar dan staat WOII al voor de deur. Het gebouw wordt bezet door respectievelijk het Belgische, Duitse en Amerikaanse leger. Het is de firma Duesberg-Bosson die het gebouw uiteindelijk koopt in 1947 voor 3 miljoen Belgische frank. Ze bouwen er kaardmachines voor de wolindustrie. 

Start van het tinnen tijdperk

Jean Riskin was elektricien van opleiding. 's Avonds verdiende hij een centje bij door het schuurwerk van een tingieter te doen. Toen hij het onder knie had, begon hij zelf tin te gieten. Eerst handmatig, maar daar kwam snel verandering in. Na een bezoek aan Expo 58 heeft Jean een idee: een gietmachine voor tin bouwen. Dat bestond toen nog niet. Het bleek een geniale uitvinding waardoor zijn productiecapaciteit enorm steeg. Het gaf Riskin de mogelijkheid om uit te groeien tot een van de grootste tingieterijen ter wereld. Als er toevallig nog een tinnen bordje bij de bomma hangt, komt dat waarschijnlijk van bij hen. 

Fast forward naar vandaag

Eind jaren ‘90 is de tinindustrie haar hoogtepunt voorbij. Riskin moet afbouwen en ook de activiteiten in de Chocoladefabriek stoppen. Maar wat doe je met zo’n gigantisch gebouw op zo’n specifieke locatie? Er passeren een aantal initiatieven, maar niets wil lukken. Het gebouw staat leeg en de daken lekken.

Fast forward naar vandaag: de eerste bewoners zijn ingetrokken, de restauratie is bijna klaar, de nieuwbouw start binnenkort. De sfeer die er vandaag hangt, is bijna vast te pakken. De nieuwe energie werkt aanstekelijk. Het hele team is trots dit prachtige erfgoed een duurzame toekomst te kunnen geven. 

 

Naar boven